De sociale huurwoning blijft problematisch.

Op de woningmarkt blijven de prijzen voor woningen nog steeds oplopen, hoewel het planbureau van de ABN verwacht dat deze gekte het volgend jaar iets zal gaan afzwakken. Dit laatste mag misschien wel zo zijn, maar dat neemt niet weg dat de enorme druk op de bouw van huurwoningen nog onverminderd in stand blijft, in het bijzonder waar het de bouw van sociale huurwoningen betreft. Daarin vallen minder grote winsten te behalen, dus laat men het op dit gebied gemakshalve maar helemaal afweten. Dit ten nadele van de huurder met een minder goed gevulde beurs, die wij dan ook steeds meer in de knel zien komen. Dit geldt niet alleen voor ouderen maar even zozeer ook voor jongeren en de tussen liggende leeftijdsgroepen

Waar het de ouderen betreft, willen er velen graag wat kleiner gaan wonen, bij voorkeur in een betaalbare seniorenwoning maar die zijn steeds minder voorhanden en sterk gebonden aan een wachtlijst van om en nabij 10 jaar. Men moet dus noodgedwongen in de te groot en te bewerkelijk geworden woning blijven wonen, wat weer een nadelige invloed uitoefent op de doorstroming van sterk groeiende gezinnen die prima geholpen zouden zijn met de grotere woning. Daarnaast heeft het duidelijk tekort aan betaalbare woningen ook een minder positieve uitwerking op het streven van de overheid om ouderen met een ziekte of beperking zo lang mogelijk thuis te laten wonen. Dit zijn exact de mensen waarvoor een kleinere sociale huurwoning een betere oplossing zou zijn dan de grote en veel minder comfortabele woning die voor hen te bewerkelijk is geworden en daarmee de eigen zelfredzaamheid niet ten goede komt. Bovendien is de factor van betaalbaarheid zeer belangrijk, want de indicatie van “langer thuis moeten blijven wonen” gaat vrijwel altijd samen met extra kosten vanwege  ziekte of handicap. De huur van de woning wordt daarbij een uitgave die nauwelijks op te brengen valt en al helemaal niet als deze boven de huursubsidiegrens van 720 Euro uitkomt. Dan red je het niet meer als de inkomsten slechts de A.O.W. met een klein pensioentje omvat, het langer thuis blijven wonen wordt dan een onmogelijke opgave. Mijn inziens zouden de landelijke en lokale overheden hier wat meer aandacht aan moeten schenken en tot passende maatregelen over moeten gaan. Maatregelen die de bouw van meer sociale huurwoningen bevorderen zou daarbij een goede optie zijn. Geen eenvoudige optie, maar indien je als Overheid het een verlangt, dan mag en kan je het ander niet nalaten.

 

Ten opzichte van dit laatste trok begin juli de voorpagina van het weekblad ”HC nieuws.nl” al mijn aandacht met de aankondiging, dat de wooncorporatie Ymere dit jaar 25 sociale huurwoningen in de Haarlemmermeer gaat verloten onder woningzoekenden die als zodanig ingeschreven staan bij “Woningnet”.  Een bijzonder initiatief waarbij enkele langdurig woningzoekenden de gelegenheid krijgen om op een spectaculaire wijze eerder dan verwacht een door hen zo begeerde woning te verkrijgen. Helaas gat het hierbij om slechts 25 woningen waar de nijpende vraag nog vele malen groter is, maar het is een toe te juichen initiatief wat voor enkele gelukkigen een geweldige uitkomst betekent, echter weer minder vreugdevol begroet zal worden door woningzoekenden die zich al zeer langdurig op de wachtlijst bevinden. Men moet al veel voorrang verlenen aan urgente gevallen, statushouders en woonduurcliënten en nu komt dit er ook nog eens bij, een zuur appeltje voor  85-plussers.

In het zelfde voorpagina berichtje werd ook verwezen naar 300 sociale huurwoningen die dit jaar nog ter beschikking zullen komen. Een kwantum waar een gunstig effect van verwacht mag worden, waarbij hopelijk ook de kleinere kernen voldoende meegenomen worden. Momenteel maken ouderen in de kleine kernen zich grote zorgen over het vertrek van vele jongeren naar elders vanwege het gebrek aan beschikbare woonruimte binnen de eigen kern. Voor velen buitenstaanders geen punt van belang, maar voor vele ouderen daar in tegen een punt van grote zorg, vooral met het vooruitzicht dat men later minder zelfredzaam geworden op de hulp van de kinderen aangewezen zal zijn, waarbij vooral gedacht wordt aan het langer thuis moeten blijven wonen, hoe red je dat als de kinderen elders wonen?

Dit zelfde weekblad publiceerde een week later het bericht, dat er voor de regio Groot-Amsterdam, waar ook de gemeente Haarlemmermeer toe behoort, plannen goed gekeurd zijn om nog voor het jaar 2025 tot de bouw van 100.000 huurwoningen over te gaan. Waar deze gebouwd gaan worden is nog niet bekend, maar komen deze plannen ten uitvoer, dan zou dit, mits betaalbaar, een enorme impuls geven aan de huidige bizarre tekorten aan huurwoningen. Dat zou zeer verheugend zijn, hoewel daarbij tegelijk ook weer enkele vragen opdoemen. Ten eerste de vraag, maken deze door de wooncorporatie Ymere genoemde 300 huurwoningen ook deel uit van deze 100.000 woningen in de regio Amsterdam? Indien dit zo is, dan worden er ons twee toezeggingen voorgeschoteld, waarvan het Ymere bericht in feite een onderdeel is van de toezegging voor Amsterdam. Dit maakt de toezegging niet minder heuglijk, maar duidelijkheid daaromtrent is wel zo belangrijk. De tweede vraag die mij bezig houdt betreft de status van de woningen. Natuurlijk zullen het niet alleen maar sociale huurwoningen zijn, maar hopelijk wel een redelijk contigent met aandacht voor de kleinere woning geschikt voor ouderen, waarvan de kinderen het huis hebben verlaten. De derde vraag sluit daar direct op aan, welke huurprijs gaat dan voor dit type woning gelden? Wil men aan deze woningen een sociaal stempeltje meegeven, dan zal deze huurprijs zich onder de huursubsidiegrens moeten bevinden wil het enig perspectief aan ouderen bieden.

Ten opzichte van dit laatste zijn mijn verwachtingen weinig hoopvol, dit naar aanleiding van de huidige berichten dat de bouw van woningen de komende jaren fors duurder zal gaan uitvallen, als gevolg van de door de overheid gestelde milieueisen. Naar dit euvel is door mij de vorige maand al verwezen, maar eerder dan verwacht wordt dit nu ook naar buiten gebracht. Voor mij is het dan ook niet verwonderlijk dat er steeds meer berichten verschijnen, waarin aangegeven wordt dat ouderen massaal overgaan tot het verbouwen van de eigen woning, omdat de overgang naar een op de oudere bewoner ingestelde woning veelal niet meer haalbaar wordt geacht. Feitelijk een trieste constatering, maar wel het onmiskenbare gevolg van meerdere elkaar opvolgende ontwikkelingen, waar in mijn volgende bijdrage wat nader op ingegaan zal worden.

 =+=+=+

 

[Naar overzicht]