Participatie, bezorgdheid achterhaald.

Mei 2016
Door Floor Calandt

[Lees ook het vorige artikel hier]

 

Na op dinsdag 14 maart 2016 braaf op tijd mijn copy voor het aprilnummer van “MEER-SENIOREN”, ingeleverd te hebben, met daarin een weergave van mijn zorg omtrent de tekortschietende informatie over alles wat direct en indirect met de participatie te maken heeft, word ik als het ware op mijn wenken bediend met de verschijning van het “Witte Weekblad” op woensdag 15 maart, met daarin een uitgebreid overzicht van de werkwijze en de inzet van de “Participatieraad in de Haarlemmermeer”. Een bijzonder welkome verrassing die mogelijk wat vraagtekens heeft veroorzaakt door de verschijning van mijn inbreng in de “MEER-SENIOREN” 3 weken na de publicatie in het Weekblad.

Dat is echter een vrijwel onontkoombaar gegeven en dat doet ook niet ter zake. De Participatieraad is van groot belang voor alle inwoners van de Haarlemmermeer. Vooral voor die inwoners die vanwege een beperking, een chronische ziekte of de ouderdom extra aandacht behoeven. Het stukje in het Witte Weekblad is dan ook precies waar op gedoeld werd en waarvan een regelmatig vervolg van groot belang geacht mag worden.

Bij het stukje over het de Participatieraad is het echter niet gebleven, want in de tweede week van april schenken de diverse weekbladen opvallend veel aandacht aan de diverse participatievormen. Zowel in positief als in minder positief opzicht, maar ook dat was nou juist de kern van mijn zorg. Het participeren is een belangrijk gegeven en daar dient alle openheid vanuit te gaan, alleen dan verkrijgt het de zo zeer benodigde aandacht van de inwoners. Laat weten waar het goed gaat, maar geef ook aan waar het beter had gekund. Wethouder Steffens verwoordt het in dit opzicht uitstekend, met te stellen: Als men de deuren open zet moet men niet verrast zijn als er iemand binnenkomt, dat kunnen belanghebbenden zijn met goede ideeën maar evenzo ook mensen met een wat kritischere instelling. Beiden zijn echter hard nodig om tot een zo goed mogelijke afweging te kunnen komen. Waar het mijzelf betreft, behoor ik bij voorkeur tot de kritische binnen lopers en wil ik de wethouder graag van dienst zijn. Want de praktijk is veelal heel wat weerbarstiger dan mooie woorden en veelkleurig opgestelde nota’s doen voorkomen. Dit dient gesignaleerd te worden, want het gaat om het welzijn en welbevinden van mensen.

Gaat het er met de aandacht voor de diverse participatievormen dus de goede kant op, dezelfde uitgave van het “Witte Weekblad” bracht een tweede verrassing in de vorm van een taart aansnijdende wethouder Horn ter gelegenheid van de mandaat verstrekking aan een aantal wijkverpleegkundigen. Eveneens een zeer hoopgevende gebeurtenis want waar besloten is tot een duidelijk verminderde opnamebeleid voor zorginstellingen, zullen er een toenemend aantal mensen de zo zeer benodigde zorg en aandacht aan huis moeten verkrijgen. Landelijk is dat momenteel nog een groot probleem door een schrikbarend tekort aan geschoolde wijkverpleegkundigen. Hopelijk voorziet de hier aangegeven overdracht van verantwoordelijkheden aan een aantal wijkverpleegkundigen voldoende in de behoeften voor de Haarlemmermeer. Geheel en al gerust zijn wij daar echter nog niet op. Er wordt niet vermeld hoeveel verpleegkundigen een mandaat hebben verkregen en hoeveel er in de praktijk echt nodig zullen zijn. Het aantal zorg en aandacht behoeftige inwoners in de Haarlemmermeer zal zeker niet gering zijn, enig inzicht omtrent vraag en aanbod komt dan ook als zeer wenselijk op mij over.

[Naar overzicht]